De muziekauteursrechtzaak tegen Anthropic gaat niet alleen over de vraag of Claude beschermde songteksten kan reproduceren. Sony Music Publishing, Warner Chappell Music en andere muziekuitgevers stellen dat Anthropic tienduizenden auteursrechtelijk beschermde muziekwerken heeft gekopieerd en gebruikt bij de ontwikkeling van Claude. De zaak is nog niet definitief beslist.
De inzet is daardoor breder dan één chatbotantwoord. De juridische beoordeling kan onderscheid maken tussen hoe beschermd materiaal is verkregen, hoe het bij modelontwikkeling is gebruikt en wat Claude vervolgens zou hebben geproduceerd. Dat zijn drie verwante, maar niet automatisch dezelfde kwesties.
Wat de muziekuitgevers Anthropic verwijten
De uitgevers stellen dat Anthropic beschermde muziekwerken, waaronder songteksten, heeft verkregen of verwerkt via verschillende bronnen. In de beschuldigingen worden onder meer BitTorrent, online diensten met songteksten en datasets genoemd. Ook wordt gesteld dat Claude teksten letterlijk of bijna letterlijk zou kunnen reproduceren en afgeleide songteksten in de stijl van vertegenwoordigde songwriters zou kunnen genereren.
Dat zijn stellingen uit de zaak, geen rechterlijke vaststellingen. De precieze omvang wordt in de aanklacht omschreven als tienduizenden muziekwerken. De klacht noemt daarnaast vier categorieën juridische claims, waaronder directe en medeplichtige inbreuk, het kopiëren en gebruiken van materiaal voor modellen en kwesties rond copyrightmanagementinformatie.
De gevraagde bedragen zijn evenmin een boete die Anthropic al moet betalen. De uitgevers vragen maximaal 150.000 dollar per vermeend geschonden werk en maximaal 25.000 dollar per vermeende schending van copyrightmanagementinformatie. Een rechter kan de claims afwijzen, een ander bedrag toewijzen of de zaak kan op een andere manier eindigen.
Van databron naar model
Waarom is de herkomst van de data zo belangrijk? Omdat de juridische vragen niet ophouden bij het moment waarop een bestand wordt gedownload.
De beschuldigingen leggen een mogelijke keten voor:
- beschermd materiaal zou via torrents, songtekstdiensten of andere datasets zijn verkregen;
- het materiaal zou vervolgens direct of indirect een rol hebben gespeeld bij modelontwikkeling;
- een model zou daardoor beschermde of sterk daarop lijkende tekst kunnen produceren;
- die stappen zouden samen of afzonderlijk juridische gevolgen kunnen hebben.
De uitgevers voeren ook een indirecte route aan. Volgens die redenering kan een commercieel model worden beïnvloed door synthetische data of feedback van een ander model dat eerder zou zijn ontwikkeld met materiaal uit vermeende piraterijbronnen. Dat maakt de zaak ingewikkelder: de discussie gaat dan niet alleen over een bestand dat rechtstreeks in een trainingsset staat, maar ook over de vraag of informatie via andere modellen en feedbackmechanismen is doorgegeven.
Belangrijk: training met auteursrechtelijk beschermd materiaal betekent niet automatisch dat in deze zaak inbreuk is vastgesteld. Ook de aanschaf van materiaal, het trainen van een model en de reproductie van beschermde tekst zijn juridisch verschillende handelingen. De zaak zal juist moeten uitwijzen hoe die handelingen volgens het Amerikaanse auteursrecht moeten worden beoordeeld.
De aanwijzingen achter de beschuldigingen
De zaak draait volgens de aangevoerde theorie om verschillende soorten aanwijzingen. Genoemd worden torrentgegevens, interne berichten, catalogusmetadata van boeken met songteksten of bladmuziek, informatie over datasets en tests van modeluitvoer.
Geen van die elementen beantwoordt op zichzelf de volledige juridische vraag. Een download kan iets zeggen over verwerving, maar bewijst niet automatisch hoe het materiaal later in modelontwikkeling is gebruikt. Een modeluitvoer kan relevant zijn voor een mogelijke reproductie, maar bewijst niet vanzelf welke bron of welk trainingsproces die uitvoer heeft veroorzaakt. En een interne boodschap kan context geven zonder op zichzelf de volledige gegevensketen vast te leggen.
Daarom is het verschil tussen de bewering en het bewijs hier geen formaliteit. Het bepaalt welke stap van de vermeende keten een rechter daadwerkelijk kan vaststellen.
Verwante zaken zijn niet dezelfde zaak
Anthropic is ook betrokken bij andere auteursrechtelijke procedures, maar de cijfers en onderwerpen daarvan mogen niet op één hoop worden gegooid. De belangrijkste verschillen:
| Zaak | Onderwerp en gemelde omvang | Gemeld bedrag |
| Zaak van Sony Music Publishing en Warner Chappell Music | Tienduizenden muziekwerken, volgens de beschuldigingen | Maximaal 150.000 dollar per vermeend geschonden werk en maximaal 25.000 dollar per vermeende copyrightinformatie-schending |
| Zaak van Concord Music Group, Universal Music Publishing Group en ABKCO Music | Meer dan 20.000 muziekwerken, volgens de berichtgeving over die afzonderlijke procedure | Meer dan 3 miljard dollar gevorderd |
| Zaak van BMG | Een afzonderlijke muziekzaak met een gemelde omvang van 493 composities | Geen bedrag vastgesteld in de aangeleverde gegevens |
De eerste rij is het geschil waar dit artikel over gaat. De andere procedures hebben andere partijen, aantallen en vorderingen. Een bedrag uit de zaak van Concord, Universal Music Publishing Group en ABKCO Music is dus niet automatisch onderdeel van de zaak van Sony Music Publishing en Warner Chappell Music.
Wat staat er nu vast?
Voor lezers is de belangrijkste conclusie nuchter, maar essentieel: Anthropic is in deze zaak niet schuldig verklaard. Er is ook geen definitieve uitspraak die vastlegt dat Claude daadwerkelijk met de betwiste muziekwerken is getraind of dat Anthropic aansprakelijk is voor inbreuk.
Wel ligt er een verstrekkende juridische theorie op tafel. De uitgevers proberen de vermeende herkomst van muziek en songteksten, het gebruik ervan bij modelontwikkeling en mogelijke reproductie door Claude met elkaar te verbinden. Anthropic heeft in verwante procedures aangevoerd dat training op rechtmatig verkregen materiaal mogelijk onder transformationeel fair use kan vallen, terwijl de muziekuitgevers juist benadrukken dat vermeende illegale verwerving en modeluitvoer afzonderlijk moeten meetellen.
Dat onderscheid is ook buiten deze zaak relevant. Voor AI-bedrijven gaat het om de herkomst en documentatie van trainingsdata. Voor rechthebbenden gaat het om controle over hun catalogus en om de vraag wanneer modeluitvoer te dicht bij beschermd materiaal komt. Voor gebruikers van Claude verandert er door deze klacht niet automatisch iets aan de juridische status van elk antwoord dat het model geeft.
De kern van de Anthropic-rechtszaak over muziekauteursrecht is daarom niet het sensationele maximumbedrag, maar de bewijs- en rechtsvraag erachter: kan een vermeende onrechtmatige gegevensketen worden verbonden aan modelontwikkeling en concrete uitvoer, en welke van die stappen levert volgens het Amerikaanse auteursrecht aansprakelijkheid op? Zolang daar geen definitieve uitspraak over ligt, blijven de beschuldigingen beschuldigingen.